24 februari 2024

Meer burgerhulpverleners reageren bij melding reanimatie

Afbeelding: Hartstichting

IJmond – Na “een grote opschoning” van het systeem voor reanimatie is het aantal procent burgerhulpverleners dat reageert wanneer er iemand in de buurt gereanimeerd moet worden, gestegen. Als er een melding binnenkomt van een hartstilstand reageert nu 85 procent van hen, tegenover 70 procent begin januari, meldt de Hartstichting.

Op dit moment heeft Nederland nu in totaal 225.000 burgerhulpverleners. Als iemand een hartstilstand krijgt, krijgen vrijwilligers die in de buurt van het slachtoffer zijn een oproep om te gaan helpen. Volgens de Hartstichting zijn zij gemiddeld 2,5 minuut sneller bij een slachtoffer dan dat de ambulance is. Een vrijwilliger reageert door aan te geven of hij of zij op dat moment wel of niet op pad kan.

Opfriscurcus

De burgerhulpverleners moeten geregeld een opfriscursus volgen. In coronatijd kon dat vanwege de maatregelen lange tijd niet. Toen werd voor de vrijwilligers die hun training niet hadden gevolgd een uitzondering gemaakt: zij werden toch opgeroepen, ondanks het hun registratie die niet op orde was. Het idee er achter was dat het beter zou zijn dat er iemand op een melding af ging wiens registratie wellicht net was verlopen, dan dat er helemaal niemand heen zou kunnen gaan.

Inactief profiel

Het bleek dat in januari nog steeds ruim 80.000 mensen hun registratie niet goed geregeld hadden. Zij hadden de mogelijkheid om de jaarlijkse vaardigheidstraining te volgen of zich registeren, maar dit nog (steeds) niet gedaan. De Hartstichting en Hartslagnu deed een oproep tot deze mensen om de registratie op orde te krijgen. Vanaf januari worden mensen met een inactief profiel ook niet meer opgeroepen.

Een gedeelte van hen heeft de opfriscursus inmiddels gedaan, anderen hadden hem wel gedaan maar dit nog niet geregistreerd. Een deel is uit het systeem gehaald , aldus de Hartstichting, omdat zij geen actie ondernamen om hun registratie op orde te krijgen. Daarnaast hebben 11.000 nieuwe burgerhulpverleners zich aangemeld.

Dat alles heeft geholpen: in elke provincie zijn er nu meer actieve vrijwilligers dan in januari. Zo waren er bijvoorbeeld in Groningen in januari 7469 actieve vrijwilligers en 2964 inactieven. In maart waren er 7677 actieve vrijwilligers en nog 264 inactieven. In Noord-Brabant gaat het om 32.490 actieve vrijwilligers nu, tegenover 31.763 in januari.

Tijdelijk niet inzetbaar

De inactieve profielen die nu nog in het bestand staan, zijn van mensen die tijdelijk niet inzetbaar zijn omdat ze bijvoorbeeld een operatie moeten ondergaan. Er wordt nog onderzoek gedaan naar de 15 procent burgerhulpverleners die niet reageert op een oproep, terwijl ze wel als actief geregistreerd staan in het systeem.

GERELATEERDE ARTIKELEN

Meest gelezen